Sonnet 12 Assepoes

Sonnet 12

 

Assepoes

 

Vergelijk ik u met een ‘kokosnoot’

u zoudt spotten ‘ruwe bolster, blanke pit’

of met een ‘tweedelig pakje in modieuze snit’

me weerbarstig verwensend tot ‘hanepoot’

 

Noem ik u ‘blank’ en ‘zacht ontbloot’

haastig vormt uw sterke mond ‘mijn shit’

tandenknarsend vermalend uw gebit

indien ik dreig met ‘ruime stoot’

 

Daar ik u wel moet loven en prijzen

uw werkelijke waarheid laten verrijzen

is er maar een mogelijkheid

 

Uw schoonheid bedekt ge met lompen

uw houding rijst koninklijk uit uw klompen

ge zijt van een onmeedogenloze hebbelijkheid

 

Jan Nuyten/jbm    101 wrdn

13 juni 1975/ 19 januari 2015/ 30 augustus 2017

U kunt hier een reactie plaatsen!